Opinie: ‘Ouderen met een migratieachtergrond passen niet in het plaatje van de huidige zorg – laten we meer naar ze luisteren’
In 2050 heeft meer dan de helft van de Amsterdamse 65-plussers een migratieachtergrond. Daar bereiden we ons nog onvoldoende op voor. De overheid wil dat ouderen langer thuis wonen en heeft daarbij een modeloudere voor ogen: vitaal, goed geïnformeerd, taalvaardig en
ver vooruitkijkend. Veel ouderen met een migratieachtergrond passen niet in dat plaatje.
Wie door de stad loopt, ziet hoe de eerste generaties migranten inmiddels zelf opa en oma zijn. Thuis wordt de zorg vaak in eigen kring georganiseerd: kinderen die meegaan naar het
ziekenhuis, buren die maaltijden maken, familie die waakt. Dat is een stille kracht van de stad, maar ook een signaal dat de bestaande voorzieningen onvoldoende aansluiten op wat deze ouderen nodig hebben.
Zorgen over het ouder worden zijn niet voorbehouden aan ouderen met een
migratieachtergrond. Een steile trap is gevaarlijk voor iedereen die slecht ter been raakt, en eenzaamheid is niet gebonden aan afkomst. Juist daarom is het verleidelijk om te zeggen: laten we geen onderscheid maken.
(Dit artikel is een ingezonden bijdrage, geschreven door Assia Nait Kassi en Pieter
Hilhorst. Zij zijn onderzoekers bij het Ben Sajet Centrum en auteurs van
het rapport: Een plek onder de zon. Hoe Amsterdamse ouderen met een
migratieachtergrond willen wonen en zorgen. Hilhorst is ook oud-wethouder in
Amsterdam namens PvdA. )